De haven van Ushuaia, Beagle kanaal, de Oceaan

Drake passage
De haven van Ushuaia
‘Bark Europa’ zal met ons reisgezelschap vertrekken naar Antarctica vanuit de haven van het Argentijnse Ushuaia, de zuidelijkste stad op aarde en het einde van de wereld. Ushuaia ligt aan het Beagle kanaal dat de grens vormt tussen Chili en Argentinië. Het kanaal snijdt de zuidpunt van Zuid-Amerika af van de rest van het continent. De haven is een soort noordwaartse uitstulping van het kanaal. De bergen aan de overkant liggen in Chili.
lees meer over de haven van Ushuaia en ons vertrek
In de haven ligt een schip langzaam te vergaan. Het is gestrand op een kiezelbank en niemand neemt de moeite om het weer vlot te trekken.
Een Antarctische aalscholver heeft zich geïnstalleerd op de achtersteven.
Op de grindbank probeert een Dolfijnmeeuw mossels los te wrikken. Dit gaat niet zonder slag of stoot. Als het hem uiteindelijk gelukt is blijkt het openen van de mossel heel wat minder voeten in aarde te hebben. Hij vliegt op en laat de mossel van zo’n tien meter hoogte op de grindbank te pletter vallen.
Enige Zuidelijke reuzenstormvogels proberen een plekje te bemachtigen bij één van de uitstroomopeningen van het riool in de haven. Kennelijk zijn daar lekkere hapjes te vinden. Omdat er meer van deze vogels zijn dan uitstroomopeningen ontstaat er competitie.
Het vertrek is op 24 december 2018. Drie weken zal “Bark Europa” onze veilige haven zijn, vast punt in een vreemde wereld.
Een Condor komt van achter de bergen tevoorschijn en vliegt een rondje boven onze hoofden. Ik ben uitgelaten. Deze mythische vogel heb ik nog nooit gezien, de zeldzame gast komt als een grote verrassing, ‘ El Condor passa‘ . Een mooier afscheid is haast niet denkbaar.
Een webcam staat ergens bij de haven opgesteld. Zelf weet ik niet waar hij staat maar ik weet wel dat mijn familie zal zien hoe de Europa zich losmaakt van de steiger.
De komende weken breng ik door in een wereld waarin de kleuren wit, zwart en blauw domineren; wit van wolken, sneeuw, ijs en pinguïns; zwart van pinguïns en vulkanisch gesteente en tenslotte, blauw van de lucht, het glasheldere zeewater en van zuurstofloos keihard ijs. Drie weken later kan ik op de terugreis het laatste deel van de nacht slapen. Als ik wakker word, varen we in Westelijke richting door het Beagle kanaal op weg naar Ushuaia. Door de patrijspoort zie ik op de bergen langs het kanaal een onnatuurlijke kleur, de pijnbomen zijn groen!

Drake passage.
De afstand van Ushuaia naar de Atlantische oceaan is ongeveer 75 km. De loods die de Europa door het Beagle kanaal leidt gaat van boord als de bark de Atlantische oceaan bereikt heeft.
De eerste plaats die we zullen aandoen is Desolation Island behorende tot de eilandengroep, de Shetland eilanden. De afstand van af het Beagle kanaal tot Desolation Island is ongeveer 900km.
Heen volgen we min of meer de kortste weg, in een rechte lijn van het Beagle kanaal naar Desolation Island. Terug voeren we een meer westelijke route. De kapitein houdt daarbij rekening met weersomstandigheden.
Beagle kanaal
De condor die zich had laten zien in de haven, heeft zich weer teruggetrokken achter de bergen en wij verlaten Ushuaia. We varen we oostwaarts door het Beagle kanaal in de richting van de Atlantische oceaan. Een groepje Donkergestreepte dolfijnen zwemt rondjes rondom de bark. Als ze voor de boeg langs van de stuurboord- naar de bakboordzijde zijn gezwommen springen ze uit het water en laten zich met een plons weer terugvallen. Ze maken het rondje af en beginnen dan opnieuw met hun spel.













De Oceaan
De loods is van boord gegaan. We zijn alleen, los van de bewoonde wereld. De bark heeft (nu nog) de wind in de zeilen, en vaart geluidloos over een kalme zee. De zon staat aan de heldere hemel. Dit is de Drake passage, over de oceaan. Rondom een ononderbroken horizon van zee en lucht. Ruggelings gelegen op het dek naast één van de drie masten word ik omver geblazen door een gevoel van euforie. Hoe vrij kan een mens zich voelen. De onverschrokken Anna voert een reparatie uit aan het zeil. Ze heeft kennelijk geen last van hoogtevrees, in een trapeze bungelt ze onder de ra en doet haar werk met onder zich, niets behalve de zee en in de verte de horizon.
Aan de beide zijden van het schip zijn stevige netten gespannen. Niemand wil het meemaken dat er tijdens de overtocht, iemand overboord slaat. Vooralsnog echter is het rustig weer. Wegens gebrek aan wind varen we een groot deel van de overtocht op de twee aanwezige dieselmotoren. Met de steven gewend naar het zuiden is vanaf stuurboord te zien dat de zon in het westen al behoorlijk laag staat. Over een paar uur zal ik mijn eerste wacht lopen.
Rood, Wit en Blauw.
De overtocht zal vijf dagen in beslag nemen. ’s Nachts moet er iemand aan dek zijn om te waarschuwen voor eventuele obstakels. De passagiers krijgen die taak toebedeeld. We zijn allemaal ingedeeld in één van drie groepen, rood, wit of blauw. Een wacht duurt vier uur. Rood begint met de eerste wacht, ’s avonds om 20.00 uur, Wit neemt de tweede voor zijn rekening vanaf 24.00 uur en de derde groep, Blauw, heeft de wacht van 04.00 uur tot 08.00 uur. De vierde nacht moet Rood weer als eerste aan de bak. Een deel van de tijd staan we aan het roer. Onder ons in de stuurhut zit de kapitein of het stuurmens, klaar om in te grijpen mocht dat nodig zijn. Gelukkig, ondanks mijn zwabberende koers, hoor ik dat het nog veel erger kan.

Antarctica